Dit is het 3e deel van onze blog serie 'Hoe ga je om met flowmeting van vloeistoffen'. In dit deel delen we onze inzichten over vloeistoftoevoer met behulp van een drukvat. Een drukvat is een van de twee methoden die je kunt gebruiken om een stabiele inlaatdruk te verkrijgen. Zoals we in het voorgaande bij de tips voor het selecteren van een geschikte flowmeter of -regelaar al aangaven, is een zeer stabiele ingangsdruk nodig om bij een lage vloeistofflow een stabiel flowbereik te verkrijgen. Doordat een gas een samendrukbaar medium is, kan het bij het regelen van de druk een buffereffect hebben. Een vloeistof heeft veel minder veerkracht. Hoewel Bronkhorst-flowregelaars drukschommelingen tot op zekere hoogte kunnen neutraliseren, kunnen snelle veranderingen in de ingangsdruk de flow destabiliseren.. In het algemeen zijn er twee methoden om het vloeistofsysteem van een stabiele inlaatdruk te voorzien: gebruik een drukvat, als gas wordt benut om de vloeistof onder druk te zetten, of gebruik een pomp. De keuze voor een methode is deels ook een praktische beslissing op basis van de reeds aanwezige installatie bij de klant. Een drukvat is een relatief veilige oplossing zonder elektriciteit of bewegende delen en is bij sommige vluchtige vloeistoffen een pre. Maar gasbellen die in de vloeistof zijn opgelost, hebben een negatief effect op de stabiliteit van de flow. Het voordeel van een pomp is dat er in principe geen rechtstreeks contact is tussen gas en vloeistof. Er kan dus geen gas in de vloeistof oplossen. Bovendien kan een pomp continu draaien. Aan de andere kant zijn pompen door hun bewegende delen onderhevig aan slijtage en zijn ze vaak duurder dan drukvaten. .

Geschreven door
FlowmetingVloeistofdosering